Abdomen
Gesegmenteerde achterlijf van de garnaal. Het abdomen buigt krachtig bij vluchten en draagt aan de onderzijde de zwempoten.
Verklaringen van veelgebruikte termen uit de garnalenhobby, van GH en KH tot biofilm en moult.
Gesegmenteerde achterlijf van de garnaal. Het abdomen buigt krachtig bij vluchten en draagt aan de onderzijde de zwempoten.
Garnalen laten wennen aan de ontvangende omstandigheden. Kies de aanpak op basis van gemeten verschillen en transportwaterkwaliteit; een vaste lange druppeltijd past niet bij iedere situatie.
Aquariumsubstraat dat de waterchemie beïnvloedt, bijvoorbeeld door verzuring. Productwerking, wateraanvoer en gebruiksduur bepalen het resultaat; controleer pH en KH.
Hobbyterm voor aquariumsubstraat dat de waterchemie beïnvloedt, vaak met een verzurend effect. Het precieze effect op pH en KH hangt af van product, bronwater en gebruiksduur.
Bacteriën die zuurstof gebruiken. Hieronder vallen organismen met verschillende functies; niet iedere aerobe bacterie zet ammoniak of nitriet om.
Natuurlijke voedselbron op glas, stenen en planten.
Basisch water, in de gebruikelijke aquariumcontext met pH boven 7. De geschikte zuurgraad hangt van de soort af; Sulawesi als herkomst is geen universeel waterrecept.
Algengrazende Caridina multidentata. Volwassen dieren leven in zoetwater, maar de larvale ontwikkeling vraagt zoutbevattend water; de juiste saliniteit hangt af van het opkweekprotocol.
De ongeladen vorm van ammoniak, doorgaans veel giftiger dan NH4+. Bij dezelfde totale ammoniakconcentratie neemt het NH3-aandeel toe bij hogere pH en temperatuur.
Schade door blootstelling aan ammoniak, waarbij NH3 doorgaans veel giftiger is dan NH4+. Meet totaal ammoniak, pH en temperatuur; gedrag alleen bevestigt de oorzaak niet.
De geladen vorm NH4+, doorgaans minder giftig dan NH3. Beide zijn tegelijk aanwezig; hun verhouding verschuift met onder meer pH en temperatuur.
Levenscyclus waarbij volwassen dieren in zoetwater leven, maar larven naar zout of brak water trekken. Amano-garnalen zijn hiervan een bekend voorbeeld.
Zonder vrije zuurstof. Dit is iets anders dan alleen zuurstofarm; de term op zichzelf bewijst geen schadelijke rotting of gasvorming in een bodem.
Lange tastorganen waarmee garnalen stroming, voedsel en obstakels detecteren.
Kortere voorste tastorganen naast de antennes. Ze spelen een rol bij geur, balans en oriëntatie in het aquarium.
Sterke epifytplant voor hout of steen.
Indraaien van een aquarium totdat nuttige bacteriën afvalstoffen kunnen verwerken.
Wetenschappelijke naam van de Vampiergarnaal. Het is een grote vreedzame waaierhandgarnaal die voedseldeeltjes uit stromend water filtert.
Familie van zoetwatergarnalen waartoe veel aquariumgarnalen behoren, zoals Caridina, Neocaridina, Atya en Atyopsis.
Wetenschappelijke naam van de Bamboegarnaal. Deze soort gebruikt waaierhanden om fijne voedseldeeltjes uit stroming te filteren.
Duitse term voor natuurlijke aangroei van algen, bacteriën en microfauna.
Nakomelingen terugkruisen met een ouderlijn.
Sterke toename van bacteriën in het water, die een melkachtige waas kan veroorzaken. Troebelheid alleen bewijst dit niet; controleer ook zuurstof en waterwaarden.
Kolonie nuttige micro-organismen in filter, bodem en biofilm.
Hoe sterk schadelijke of opportunistische bacteriën in het systeem aanwezig zijn.
Infectie waarbij bacteriën betrokken zijn. Stress en waterkwaliteit kunnen relevant zijn, maar sloomheid, verkleuring of sterfte stellen geen bacteriële diagnose vast.
Product bedoeld om micro-organismen of biofilm te ondersteunen. Controleer het etiket en voerbelasting; meer bacterievoer betekent niet automatisch meer veilig beschikbaar garnalenvoer.
Het water dat al in het aquarium zit. Vergelijk bakwater altijd met ververswater of transportwater voordat je gevoelige garnalen overzet.
Grote vreedzame waaierhandgarnaal, meestal Atyopsis moluccensis. Heeft stroming, fijn zwevend voer en een rijpe bak nodig.
Vissen uit de barbeelgroep.
Hobbyterm voor Bee-type Caridina, waaronder Crystal Red, Crystal Black en verwante lijnen. Ze vragen vaak zacht water met lage KH.
Praktische verzamelnaam voor gevoelige Caridina-lijnen zoals Crystal, Taiwan Bee, Pinto en Boa.
Engelse hobbyterm voor een vrouwtje dat eitjes onder het achterlijf draagt. In het Nederlands: eitjesdragend.
Samensmelting van een zaadcel en eicel. Dit is iets anders dan de paring of het zichtbaar dragen van eitjes onder het achterlijf.
Microbiële aangroei op een oppervlak, waarin onder meer bacteriën en algen kunnen voorkomen. Garnalen grazen erop, maar samenstelling en voedingswaarde verschillen.
Commercieel voer of toevoegingen bedoeld om micro-organismen of graasvoedsel te ondersteunen. Productclaims bewijzen niet dat een bak genoeg volwaardig voer bevat.
Engelse term voor biologische belasting: de hoeveelheid afval die dieren, voerresten en rottend materiaal aan het systeem toevoegen.
Filtratie door bacteriën die afvalstoffen omzetten. Voor garnalen is dit belangrijker dan alleen helder water.
Donkere Taiwan Bee-variant met zwarte dekking en witte accenten.
Donkere zwarte Neocaridina davidi-kleurlijn. Voor kleurbehoud houd je deze lijn beter apart van andere Neocaridina-kleuren.
Donkere Tiger-Caridina met oranje ogen.
Laag van gedroogde bladeren op de bodem.
Groente kort verhitten zodat het zachter wordt en zinkt.
Donkerrode Neocaridina-variant waarbij kleur vaak dieper in het weefsel lijkt te zitten.
Taiwan Bee-variant met wit tot blauw lichaam. Wordt gewaardeerd om zachte blauwe tinten en hoge kweekselectie.
Blauwe variant binnen de Rili/Carbon Rili-hoek van Neocaridina. Nakomelingen kunnen variëren in blauw, zwart en transparante zones.
Donkerblauwe Neocaridina davidi-selectie.
Lichtblauwe Neocaridina davidi-kleurlijn.
Blauwe Tiger-Caridina, vaak met oranje ogen. Wordt gehouden als Caridina mariae- of Tiger-lijn en vraagt stabiele, passende waarden.
Licht- tot helderblauwe Neocaridina-variant.
Korte handelsnaam voor Caridina Boa-lijnen. Boa verwijst vooral naar cape-, spot- en patroonselectie, niet naar een formele wildsoort.
Handelsterm voor Caridina-patronen met kapachtige tekening, stippen en soms metallic ogende delen. Het is een selectierichting, geen officiële soort.
Filterplaat onder substraat die water door de bodem trekt. Wordt soms gebruikt met actieve soil in Caridina-kweek.
Hobbyterm voor ongewenste afbraak of ophoping in de bodem. Kleur, geur of gasbelletjes alleen bewijzen geen specifieke stof of oorzaak van garnalensterfte.
Engelse patroonterm voor stippen op het lichaam van Caridina-lijnen zoals Boa, Galaxy en Pinto.
Natuurlijke materialen zoals bladeren, zaaddozen en schors.
Water met een zoutgehalte tussen zoetwater en zeewater. Larvale kweek vraagt een soort- en protocolspecifieke saliniteit; het woord brak is geen exact recept.
Opkweek met zoutbevattend water, onder meer voor Amano-larven. De benodigde saliniteit en overgang naar zoetwater volgen uit de betreffende soort en het kweekprotocol.
Gedroogd of geblancheerd bladvoer met mineralen en vezels. Garnalen eten het graag zodra het zacht wordt.
Tijd waarin een vrouwtje eitjes draagt tot jonge garnalen uitkomen. De duur hangt sterk af van soort en temperatuur.
Gedrag waarbij het vrouwtje eitjes schoon en zuurstofrijk houdt. Ze waaiert met pleopoden en verwijdert slechte eitjes.
Het uitgangswater waarmee je werkt, zoals leidingwater, osmosewater, regenwater of demiwater.
Steentje dat lucht in fijne bellen verdeelt. Verbetert oppervlaktebeweging en zuurstofuitwisseling.
Langzaam groeiende epifytplant die op hout of steen wordt bevestigd.
Substraat dat waterwaarden beïnvloedt, meestal door KH te verlagen en pH te stabiliseren. Dit wordt vaak gebruikt in Caridina-softwaterbakken.
Het vermogen van water of bodem om pH-schommelingen af te remmen.
Filter dat buiten het aquarium staat en water door filtermateriaal pompt. Bescherm de inlaat passend voor jonge garnalen en controleer de doorstroming.
Mineraalelement dat bijdraagt aan waterhardheid en aan het gemineraliseerde exoskelet. Voeg niet alleen vanwege een mislukte vervelling extra calcium toe.
Voer met toegevoegd of relatief veel calcium. Een voedingsproduct vervangt geen passend aquariumwater; extra calcium is geen bewezen algemene oplossing voor vervellingsproblemen.
Patroon waarbij een contrasterende kleur als een kap of mantel over kop en rug ligt. De term wordt vaak bij Boa-lijnen gebruikt.
Harde rugschild dat kop en borststuk beschermt. Bij garnalen vormt het carapax een zichtbaar deel van het exoskelet.
Donkere Neocaridina-variant met zwart of blauwachtig patroon en deels transparant lichaam.
Caridina dennerli, een rood-wit getekende soort uit Lake Matano. Verzorgingsinformatie voor deze soort mag niet naar alle Sulawesi-garnalen worden doorgetrokken.
Infraorde van echte garnalen binnen de tienpotigen. Veel aquariumgarnalen vallen onder deze groep.
Handelsnaam voor geselecteerde Caridina-lijnen met Boa-patronen. Het is geen formele soortnaam of bewijs van een bepaalde afstamming.
Wetenschappelijk beschreven Caridina-soort. De naam is in oudere hobbybronnen ook breed voor Bee- en Crystal-lijnen gebruikt, maar niet iedere zo genoemde kweeklijn behoort aantoonbaar tot C. cantonensis.
Voorzichtige aanduiding voor garnalen die op Caridina babaulti lijken. Cf. betekent dat exacte determinatie onzeker blijft.
Wetenschappelijke naam van de Sulawesi Cardinal garnaal. Deze soort komt uit Sulawesi en vraagt warm, alkalisch en zeer stabiel water.
Soort binnen het Bee-garnalencomplex. Veel Crystal Red en Crystal Black-lijnen worden aan deze soort of nauwe verwanten gekoppeld.
Wetenschappelijke naam die in de hobby vaak aan Tiger-garnalen wordt gekoppeld.
Caridina-soort uit het Sulawesi-meer Towuti, in de soortbeschrijving met rood-geel kleurpatroon. White Glove is geen betrouwbare wetenschappelijke synoniemnaam voor deze soort.
Wetenschappelijke naam van de Sulawesi Harlequin garnaal. Deze soort is verbonden met de oude meren van Sulawesi.
Afbrekend catappablad levert biofilm, vezels en tannines. Het is vooral langdurig aanvullend voer, geen volledig dieet.
Gedroogde bladeren van de Indische amandelboom. Ze geven tannines af en worden langzaam door garnalen en microleven afgebroken.
Samengegroeid kop-borstgedeelte onder het carapax. Hier liggen belangrijke organen zoals kieuwen, maag en hepatopancreas.
Taxonomische afkorting van confer, gebruikt wanneer een dier op een soort lijkt maar niet zeker is gedetermineerd. In hobbyhandel vraagt dit extra voorzichtigheid.
Engelse term voor vlekken op de wangzone of zijkant van de kop.
Poten met scharen of grijpfunctie. Bij dwerggarnalen zijn ze klein; bij sommige langarmgarnalen veel opvallender.
Desinfectiemiddel dat in sommige drinkwatersystemen wordt gebruikt en waterdieren kan schaden. Controleer de lokale behandeling en gebruik zo nodig een passend middel volgens etiket.
Stabielere combinatie van chloor en ammoniak in leidingwater. Verdwijnt niet snel door beluchten en vereist geschikte waterconditioner.
Schade door onbehandeld leidingwater met chloor of chlooramine. Symptomen kunnen direct na waterwissel optreden.
Bruine Neocaridina davidi-kleurlijn.
Poreus cactusachtig hout met gaten.
Mos met vertakte groeivorm die lijkt op kerstboomtakjes.
Verdeling van pigmentcellen over het lichaam.
Pigmentcellen die kleurpatronen veroorzaken.
Microscopische celuitsteeksels, bij veel ciliaten gebruikt voor beweging of voedseltransport. De borstelharen op garnalenpoten heten setae en zijn niet hetzelfde.
Trilhaardiertjes. Sommige zijn onschuldig microleven, andere kunnen als witte aanslag op garnalen verschijnen, zoals Vorticella-achtige groei.
Algenachtige ziekteverwekker die vaak met green fungus wordt verward of aangeduid. Diagnose blijft lastig zonder microscopie.
Koolstofdioxide is een koolstofbron voor planten en beïnvloedt de pH. Een teveel kan dieren belasten, ook zonder zuurstoftekort; CO2 en opgeloste zuurstof zijn afzonderlijke metingen.
Systeem dat koolstofdioxide toevoegt voor plantengroei. In garnalenbakken vereist CO2 extra controle op pH en zuurstof.
Andere benaming voor elektrische geleidbaarheid. Een EC-meter meet deze eigenschap; een gebruikelijke TDS-meter rekent die met een gekozen factor om naar een schatting.
Pantsermeervallen die vaak als vreedzame bodembewoners worden verkocht. Ze eten meestal geen volwassen garnalen gericht, maar kunnen jonge garnalen verstoren of opeten.
Groente die als kleine aanvullende voerportie wordt gebruikt, vaak geblancheerd. Verwijder resten wanneer ze niet worden gegeten of uiteenvallen.
Kruisen van verschillende lijnen, varianten of nauw verwante soorten. Kan nieuwe patronen geven, maar ook onvoorspelbare nakomelingen.
Zwart-witte Bee-garnaal uit het Caridina-complex.
Lichte Bee/Crystal-Caridina met veel wit of goudachtige tint.
Rood-witte Bee-Caridina-kweekvorm, vaak gehouden in zacht water met lage KH. Actieve bodem is een mogelijke systeemkeuze, geen onderdeel van de soortdefinitie.
In selectiekweek: dieren buiten een gekozen fokgroep plaatsen omdat zij niet bij het fokdoel passen. Kleurselectie is geen gezondheidstest; herplaats dieren verantwoord en zet ze niet buiten uit.
De buiten het levende huidweefsel gevormde bedekking die het exoskelet vormt. Bij vervelling wordt de oude cuticula afgeworpen en de nieuwe bedekking verder uitgehard.
Donkere lijn door het lichaam waarin voedselresten zichtbaar kunnen zijn.
Hoeveel water een filter of pomp per uur verplaatst. Te veel of te weinig debiet kan voer, zuurstof en veiligheid voor jonge garnalen beïnvloeden.
Orde van tienpotigen waartoe garnalen, kreeften en krabben behoren. De naam verwijst naar tien looppoten.
Hoe volledig kleur het lichaam bedekt. Goede dekking betekent weinig doorschijnende of vlekkerige zones.
Gedemineraliseerd water met zeer weinig opgeloste mineralen.
Proces waarbij bacteriën nitraat onder zuurstofarme omstandigheden omzetten.
Dier dat detritus en afbrekend organisch materiaal eet. Veel garnalen grazen deels als detritivoor, maar dat maakt overvoeren niet veilig.
Fijn organisch afval zoals plantenresten, voerresten en uitwerpselen. Een beetje hoort bij een rijpe bak, te veel belast de waterkwaliteit.
Duitse hardheidsgraad, gebruikt om GH uit te drukken. Hoeveel graden één druppel vertegenwoordigt hangt af van de test en het monstervolume; volg de handleiding.
Algen met een kiezelhoudende celwand, die onder meer een bruine aangroei in aquaria kunnen vormen. Een bruine laag is zonder verdere controle geen zekere identificatie.
Regelt lichtsterkte van LED-verlichting.
Kweek waarbij jongen direct als kleine garnaaltjes uitkomen en geen aparte larvenfase in brakwater nodig hebben.
Voortplanting waarbij jongen als kleine garnalen uitkomen. Neocaridina en veel Caridina hebben geen vrijzwemmende larvenfase.
Duitse hardheidsgraad voor KH. Veel druppeltests geven KH in dKH aan; deze waarde zegt iets over carbonaatbuffering.
Genvariant die zichtbaar kan zijn wanneer slechts één kopie aanwezig is. Niet alle garnalenkleuren volgen simpele dominantie.
Beweging van water door het aquarium. Goede doorstroming verdeelt zuurstof en voer, maar jonge garnalen moeten niet in de filterinlaat verdwijnen.
Pomp die vloeibare toevoegingen nauwkeurig doseert. Nuttig bij plantenbakken, maar overdosering kan garnalen schaden.
Decoratieve steen met gaten en ruwe structuur. Controleer waterwaarden, want samenstelling kan per partij verschillen.
Planten die aan het wateroppervlak groeien. Ze dempen licht, nemen nitraat op en bieden beschutting aan garnalen.
Regelt de druk uit een CO2-fles naar werkbare toevoer.
Methode waarbij aquariumwater geleidelijk aan transportwater wordt toegevoegd. Beoordeel eerst temperatuur, waterchemie en transportwaterkwaliteit; langer druppelen is niet altijd veiliger.
Vloeibare testset voor waterwaarden zoals GH, KH, ammoniak, nitriet en nitraat. Controleer meetbereik, houdbaarheid en de aanwijzingen van de gebruikte test.
Maat voor hoe goed water elektrische stroom geleidt, afhankelijk van onder meer ionen en temperatuur. EC toont geen afzonderlijke stoffen of geschiktheid voor een garnalensoort.
Langzaam afbrekend eikenblad dat oppervlak voor biofilm kan bieden. Het is aanvullend materiaal en geen aantoonbaar volledig of onbeperkt beschikbaar dieet.
Langzaam afbrekende bladeren die schuilplekken en biofilm leveren. Alleen gebruiken wanneer ze schoon, droog en pesticidevrij zijn.
Hobbyterm voor schimmelachtige aangroei op eitjes. Uiterlijk alleen identificeert geen schimmel of oorzaak van eiverlies; beoordeel het dier en de overige omstandigheden.
Zichtbare rijpende eicellen in de ovaria van een vrouwtje. Kleur en zichtbaarheid verschillen; een eizadel bewijst niet dat eitjes al bevrucht zijn.
Naam van een groep parasitaire organismen, in de hobby geregeld gebruikt voor groene aangroei. Groene groei op een zoetwatergarnaal is geen bevestigde Ellobiopsidae-identificatie; onder meer Cladogonium kan erop lijken.
Gedroogde proppen van de els.
Organisme dat op de buitenkant van een ander organisme leeft. Bij garnalen kunnen sommige epibionten zichtbaar zijn op rostrum, kieuwen of schild.
Uitwendig skelet van chitine en mineralen. Het beschermt de garnaal maar moet regelmatig worden afgeworpen om te groeien.
Eerste generatie nakomelingen uit een specifieke kruising.
Tweede nakomelingengeneratie van een kruising: nakomelingen van F1-ouderdieren onderling. Een F1 terugkruisen met een ouderlijn heet een terugkruising, niet automatisch F2.
Caridina-kweekrichting met Tiger-achtergrond en complexe patronen.
Zichtbare eigenschappen van een garnaal, zoals kleur, patroon en lichaamsvorm. Fenotype ontstaat uit genen en omgeving.
Punt waar water het filter in wordt gezogen. Bij garnalen hoort hier vaak een spons of guard op om jongen te beschermen.
Materiaal in filter, zoals spons, keramiek of biologisch substraat.
Punt waar gefilterd water terug de bak in stroomt. De richting beïnvloedt stroming, oppervlaktebeweging en zuurstofuitwisseling.
Hoger rode Neocaridina davidi-grade dan eenvoudige Cherry. De kleur is meestal egaler en dekkender door selectie.
Caridina-patroon met centrale ruglijn en zijstrepen, vergelijkbaar met een visgraat.
Indraaien zonder dieren, met ammoniakbron of voer.
Voedingsstof voor planten en algen.
Handelsnaam voor Caridina met Galaxy- en Boa-achtige patronen. De aanduiding beschrijft een selectie en bewijst niet de afstamming van het individuele dier.
Hoog geselecteerde Caridina met ruglijn, zijpatronen en vaak spikkels op de kop.
Pinto-achtige Caridina met galaxy-, fishbone- of spotpatronen.
Geperst garnalenvoer in korrelvorm. Het etiket bepaalt of het als volledig of aanvullend voer is bedoeld en welke ingrediënten het bevat.
Water met voldoende buffer om pH-schommelingen af te remmen.
Maat voor hoe goed water elektrische stroom geleidt. De uitkomst hangt onder meer af van opgeloste ionen en temperatuur; een TDS-handmeter gebruikt haar voor een schatting.
Nieuw water dat qua temperatuur, GH, KH, pH en TDS dicht bij het bakwater ligt. Dit verkleint stress bij waterwissels.
Alle genetische variatie binnen een kweekgroep. Een te smalle genenpool kan vitaliteit en jonge-overleving verminderen.
Genetische aanleg van een garnaal.
Herkennen van mannetjes en vrouwtjes. Vrouwtjes zijn vaak groter, ronder en tonen bij rijpheid een eizadel.
Verdeling van mannetjes en vrouwtjes in een groep. Er bestaat hier geen bewezen universele verhouding die voor iedere dwerggarnalensoort betere kweek garandeert.
Kweekgroep waarin lange tijd geen nieuw bloed wordt ingebracht. Dit helpt lijnvastheid, maar kan inteeltrisico vergroten.
Maat voor de totale hardheid, in aquariumwater vooral bepaald door calcium en magnesium. GH is geen diagnose voor een vervellingsprobleem en toont de verhouding tussen beide niet.
Mineralenzout dat zowel GH als KH verhoogt. Dit wordt vaak gebruikt voor Neocaridina op osmosewater of ander mineraalarm bronwater.
Mineralenzout dat vooral GH verhoogt zonder veel KH toe te voegen. Dit past bij veel zachte Bee-Caridina-systemen met actief substraat.
Engelse verzamelnaam voor transparante aquariumgarnalen. Let op: verschillende soorten worden onder deze naam verkocht en niet allemaal passen bij dwerggarnalen.
Rugstreep met gele of goudachtige uitstraling. De term komt vooral voor bij Yellow Golden Back en vergelijkbare Neocaridina-selecties.
Lichte Bee-Caridina met wit tot goudachtige uitstraling. Wordt vaak in dezelfde verzorgingshoek geplaatst als Crystal en Snow White.
Gespecialiseerde voortplantingsaanhangsels bij mannelijke kreeftachtigen. De term komt vooral in anatomische of taxonomische context voor.
Oppervlak waarop biofilm, algen en microleven groeien.
Kwaliteitsaanduiding voor kleur, patroon of dekking. Grades verschillen per variant en zijn niet altijd internationaal gelijk.
Voedsel zoeken en opnemen van oppervlakken. Veel grazende dwerggarnalen doen dit geregeld; zichtbaar grazen bewijst geen volledig dieet en geldt niet als voedingsmodel voor alle waaierhandgarnalen.
Hobbynaam voor groene pluizige aangroei onder garnalen. Vaak geen echte schimmel, maar vermoedelijk parasitair of algachtig.
Groene Neocaridina-selectie met variabele dekking. Regelmatige selectie is nodig om de groene kleur stabiel te houden.
Crystal Red/Black patroon waarbij een vlek op halve maan lijkt. Het is een patroonnaam binnen grading en selectie.
Groot sponsfilter over een zijwand of hoek. Biedt veel bacterieoppervlak en zachte stroming voor garnalenbakken.
Naam waaronder dieren worden verkocht. Handelsnamen zijn handig, maar zeggen niet altijd iets over soort, lijnzuiverheid of verzorging.
Filter dat aan de aquariumrand hangt. Gebruik een prefilter spons om jonge garnalen tegen opzuigen te beschermen.
Niet-levende inrichting zoals stenen, hout en decoratie. Hardscape bepaalt schuilplaatsen, stroming en graasoppervlak.
Sulawesi-soort met opvallend patroon.
Spijsverteringsorgaan dat functies van lever en alvleesklier combineert. Het verwerkt voedingsstoffen en ligt in het kop-borstgedeelte.
Twee verschillende allelen op een bepaalde plaats in het genoom. Dat zegt niet automatisch welke kleur of ander uiterlijk een dier zal hebben.
Crystal Red/Black patroon met een ronde vlek die doet denken aan de Japanse vlag. Wordt gebruikt bij grading van Bee-garnalen.
Twee gelijke allelen op een bepaalde plaats in het genoom. Dit zegt iets over die genetische plaats, niet dat alle eigenschappen van een hele lijn vastliggen.
Natuurlijke zuren uit hout, bladeren, turf en botanicals.
Nakomeling uit kruising tussen soorten, lijnen of variantgroepen. In garnalenkweek kan dit bewust of ongewenst gebeuren.
Praktische verzamelnaam voor kweeklijnen met gemengde achtergrond. Pinto, Boa en sommige Galaxy-lijnen worden vaak zo benaderd.
Kleine zoetwaterpoliep met netelende tentakels die kleine waterdieren vangt. De vondst alleen bewijst niet dat hydra de oorzaak van garnalensterfte is.
Verminderde voortplantingsprestatie of overleving die samenhangt met inteelt. Een kleine worp of sterfte alleen bewijst dit niet; vergelijk afstamming, omstandigheden en meerdere generaties.
Periode waarin eitjes zich ontwikkelen onder het achterlijf van het vrouwtje. Temperatuur beïnvloedt hoe snel de eitjes uitkomen.
Handelsnaam voor een zebra-achtige Caridina cf. babaulti-lijn. De cf.-aanduiding betekent dat exacte soortbepaling voorzichtig blijft.
Een aquarium laten rijpen voordat er garnalen in gaan.
Bodem die waterwaarden nauwelijks verandert, zoals zand of grind.
Verzamelnaam voor zeer klein microleven in water.
Uitwisseling van ionen tussen water en een materiaal. Dit kan de waterchemie beïnvloeden; KH is een meetgrootheid en geen afzonderlijk ion dat eenvoudig wordt gebonden.
Sterk aquarium mos dat veel biofilm vasthoudt.
Aquariumvaren die op hout of steen kan worden bevestigd. Houd de wortelstok vrij van de bodem; de wortels mogen zich eraan hechten.
Vloeistof met bekende waarde om pH-, EC- of TDS-meters te controleren. Zonder kalibratie kunnen digitale meters misleidend zijn.
Steen die calciumcarbonaat kan afgeven en daardoor KH, GH en pH kan verhogen. Vaak ongeschikt voor zachte Caridina-bakken.
Vorm van ionuitwisseling waarbij positief geladen ionen worden gebonden of afgegeven. Dit verklaart een deel van de werking van actieve soil.
Andere naam voor catappa of Indian almond leaf. Het blad wordt gebruikt als schuilplaats, biofilmoppervlak en langzaam afbrekend voer.
Hobbymaat voor het zuurbindend vermogen van water, vaak grotendeels door bicarbonaat en carbonaat. Lage KH is niet automatisch fout: sommige Bee-systemen gebruiken andere buffering.
Algemene druk van ziektekiemen in een aquarium.
Ademhalingsorganen waarmee garnalen zuurstof uit water opnemen. Slechte zuurstofwaarden of vuil water belasten de kieuwen.
Taiwan Bee-variant met veel donkere dekking en witte accenten.
Sterkte en diepte van de zichtbare kleur.
Kleurvorm binnen een soort of kweeklijn. Neocaridina davidi heeft bijvoorbeeld rode, gele, blauwe, groene en donkere kleurmorfen.
Mate waarin nakomelingen dezelfde kleur behouden als de ouderlijn.
Ventilator die via verdamping het aquarium koelt. Dit verlaagt temperatuur, maar verhoogt verdamping en vraagt correct top-off water.
Kweken in een vaste groep zonder individuele paring te sturen. Geschikt voor beginners, maar selectie is minder nauwkeurig.
Zwaar metaal dat al in lage concentraties giftig kan zijn voor garnalen. Risico komt uit leidingen, medicijnen, meststoffen en decoratie.
Schade door blootstelling aan een schadelijke koperconcentratie. Het risico hangt af van onder meer soort, dosis en waterchemie; een kopervermelding alleen bewijst geen vergiftiging.
Drinkwater uit het leidingnet. Vergelijk het waterkwaliteitsrapport en eigen metingen met de eisen van de gekozen dieren; geschikt drinkwater is niet automatisch geschikt garnalenwater.
Dierlijk eiwitbestanddeel in garnalenvoer.
Voortplanting tussen verschillende lijnen, kleurvormen of soorten. Kruisingen kunnen gewenst zijn in selectiekweek of ongewenst bij kleurbehoud.
Selecte groep gezonde dieren met gewenste eigenschappen.
Groep garnalen die door selectie rond kleur, patroon, herkomst of wateraanpassing is opgebouwd.
Leeftijd of grootte waarop garnalen vruchtbaar zijn.
Oud meer op Sulawesi en natuurlijke context voor onder meer Sulawesi-garnalen.
Oud Sulawesi-meer waar verschillende endemische garnalen voorkomen. De naam komt vaak terug bij specialistische Sulawesi-soorten en biotoopinformatie.
Binnenlandse populatie zonder directe verbinding met zee. Die geografische omschrijving bewijst op zichzelf niet hoe een soort haar larvale ontwikkeling voltooit.
Ontwikkeling via vrijzwemmende larven. Amano-garnalen hebben dit, terwijl Neocaridina en veel Caridina direct ontwikkelde jongen krijgen.
Ontwikkelingsfase vóór de juveniele vorm, bijvoorbeeld bij Amano-garnalen. Of larven zoutbevattend water nodig hebben hangt van de soort af.
Poreuze steen met veel oppervlak voor bacteriën en biofilm.
Energiezuinige aquariumverlichting voor planten, algen en dag-nachtritme. Te veel licht kan algenexplosies stimuleren.
Drinkwater uit het leidingnet. Voor garnalen is vooral stabiliteit, hardheid, chloor/chlooramine, nitraat en mogelijke metaalbelasting relevant.
Abnormale sloomheid waarbij garnalen weinig grazen of reageren.
Roofzuchtige larve die jonge en volwassen garnalen kan pakken. Komt meestal mee met buitenplanten of onbehandelde waterplanten.
Schakelt verlichting volgens een ingesteld tijdschema. Het effect op planten en algen hangt ook af van lichtsterkte, plantbehoeften en overige omstandigheden.
Kweken binnen een verwante lijn om eigenschappen te behouden. Selectie op kleur voorkomt geen inteeltdepressie; leg afstamming en voortplantingsresultaten vast.
Gericht kiezen welke dieren door mogen kweken binnen één lijn.
Kweken binnen verwante dieren om eigenschappen vast te leggen. Het lijkt op lijnkweek en vraagt bewaking van vitaliteit.
Hobbyterm voor de herkomst of consistentie van een kweeklijn. Dit is geen DNA-test en geen garantie dat alle nakomelingen dezelfde kleur, gezondheid of afstamming hebben.
Drijfplant met lange wortels waar jonge garnalen graag tussen schuilen. Groeit snel bij voldoende licht en voeding.
Pomp die lucht naar sponsfilter of bruissteen voert. Verhoogt gasuitwisseling en ondersteunt zuurstofvoorziening.
Geslacht van langarmgarnalen. Sommige soorten kunnen groter en roofzuchtiger zijn dan dwerggarnalen, dus combineren vraagt voorzichtigheid.
Elektrisch ventiel dat CO2 automatisch afsluit, vaak 's nachts. Werkt meestal samen met een timer.
Mineraalelement dat samen met calcium het grootste deel van de totale waterhardheid vormt. GH alleen vertelt niet hoeveel magnesium afzonderlijk aanwezig is.
Zwaar aquariumhout dat tannines kan afgeven.
Mondpootjes die voedsel vasthouden en naar de mond verplaatsen.
Filtratie die zwevend vuil uit het water vangt. Spoel mechanisch materiaal voorzichtig uit zonder alle nuttige bacteriën te verstoren.
Middel tegen ziekten of parasieten. Veel vismedicatie en slakkenmiddelen zijn riskant voor garnalen, vooral bij koper of verkeerde dosering.
Kleine dieren in bijvoorbeeld biofilm, bodem en mos. Het is geen synoniem voor alle micro-organismen; bacteriën en algen worden er niet automatisch toe gerekend.
Zeer dunne laag micro-organismen op oppervlakken.
Microsiemens (µS) is een eenheid van elektrische conductantie. De geleidbaarheid van water wordt doorgaans in µS per centimeter (µS/cm) gerapporteerd; dat zijn verschillende grootheden.
Hobbyterm voor garnalen die wit en troebel worden.
Zoutmengsel waarmee osmosewater, demiwater of regenwater opnieuw geschikt wordt gemaakt voor garnalen. Kies GH+, GH/KH+ of Sulawesi-mineralen passend bij de soort.
Langzame mineralenopbouw door verdamping, verkeerd top-off water of te weinig echte waterwissels. GH en TDS lopen dan geleidelijk op.
Steen of blok met langzaam oplosbare mineralen.
Hobbyterm voor nakomelingen uit een kruising met een Taiwan Bee-achtergrond. Een handelslabel of uiterlijk bewijst niet welke allelen een individueel dier draagt.
Populair bladvoer dat snel zacht wordt.
Voedzaam bladvoer van de moringaboom.
Herkenbare kleur- of patroonvorm binnen een soort.
Bee- en Taiwan Bee-patroon met veel wit op lichaam en weinig kleur op de achterzijde.
Fijn organisch bezinksel van plantenresten, bacteriën en afval.
Afsterven van spierweefsel. Een wit of melkachtig uiterlijk kan aanleiding zijn voor onderzoek, maar bevestigt spiernecrose of de oorzaak ervan niet.
Verandering in de DNA-sequentie. Een mutatie kan neutraal, nadelig of gunstig zijn; selectie op een aantrekkelijk uiterlijk bewijst geen gezondheidsvoordeel.
Sterke zoetwatergarnaal en basissoort achter Cherry, Blue Dream, Yellow Fire en veel Rili-varianten.
Neocaridina-soort die in de hobby onder meer met Snowball-garnalen wordt verbonden. Niet verwarren met Neocaridina davidi-kleuren.
Stikstofverbinding die bij nitrificatie uit nitriet ontstaat. Volg de concentratie en ontwikkeling, maar leid uit één waarde geen universele veilige grens of diagnose af.
Belasting door langdurige blootstelling aan verhoogd nitraat. Een algemene grens of diagnose voor alle dwerggarnalen is hieruit niet af te leiden.
Stikstofverbinding die tijdens nitrificatie ontstaat en dieren kan schaden. Gebruik een geschikte test en volg een aantoonbare stijging op; de gevoeligheid verschilt tussen soorten en omstandigheden.
Schade door blootstelling aan nitriet. Sloomheid of sterfte alleen bewijst deze oorzaak niet; meet nitriet en beoordeel ook zuurstof, ammoniak en recente veranderingen.
Biologische oxidatie van ammoniak via nitriet naar nitraat. Dit is een onderdeel van de stikstofkringloop; een werkend filter moet de actuele afvalbelasting aankunnen.
Nuttige bacteriën die ammoniak en nitriet verwerken.
Bacteriegeslacht met soorten die nitriet tot nitraat oxideren. Deze naam alleen beschrijft niet de volledige microbiële gemeenschap van een aquariumfilter.
Bacteriegroep die ammoniak of ammonium kan oxideren naar nitriet.
Bacteriegeslacht met soorten die een rol spelen in nitrificatie. De aanwezigheid van een naam op een bacterieproduct bewijst niet dat een filter de actuele belasting aankan.
Crystal Red/Black patroon waarbij een ronde vlek door een witte streep wordt onderbroken. De naam verwijst naar een verkeersbord.
Alleseter. De meeste aquariumgarnalen eten biofilm, algen, detritus, micro-organismen en kleine hoeveelheden dierlijk of eiwitrijk voer.
Zuurstof die in het water beschikbaar is voor garnalen en bacteriën. Warm water, bacteriebloei en veel organisch afval kunnen het zuurstofniveau verlagen.
Aparte bak voor jonge garnalen of selectiekweek.
Apparaat dat kaamlaag van het wateroppervlak verwijdert. Verbetert gasuitwisseling, maar moet garnalenveilig worden gebruikt.
Afkorting voor Orange Eye Blue Tiger. Dit is een Blue Tiger-lijn met opvallende oranje ogen.
Oranje Neocaridina-variant met stevige kleurdekking.
Belasting door voerresten, uitwerpselen, dode planten, dode dieren en ander afbreekbaar materiaal.
Stress doordat een garnaal snel moet aanpassen aan andere zout- of mineraalconcentraties. Dit speelt bij grote TDS- of GH-verschillen.
Filterinstallatie die leidingwater omzet naar bijna mineraalvrij water.
Water behandeld met omgekeerde osmose, waarbij veel opgeloste stoffen worden verwijderd. Controleer het resultaat en pas de mineralisatie aan de gekozen garnalen aan; het proces garandeert geen volledige zuiverheid.
Druk die nodig is om netto waterverplaatsing door een halfdoorlatend membraan door een verschil in opgeloste deeltjes tegen te houden. Een TDS-meter meet deze druk niet rechtstreeks.
Hobbyterm voor problemen bij een snelle verandering van de osmotische omstandigheden. GH, KH en TDS zijn geen uitwisselbare metingen en stellen deze diagnose niet op zichzelf vast.
Kleine algenetende meerval die vaak als relatief garnalenveilig wordt gezien. Ook hierbij blijven jonge garnalen en voedselconcurrentie aandachtspunten.
Inbrengen van onverwante dieren in een kweeklijn.
Eierstokken waarin eicellen rijpen. Bij veel dwerggarnalen zijn rijpe ovaria zichtbaar als eizadel.
Te veel garnalen in één aquarium.
Engelse term voor overbezetting.
Meer voer toevoegen dan het aquarium kan verwerken. Resten kunnen zuurstofverbruik en afvalbelasting verhogen; overvoeren creëert op zichzelf geen planaria.
Apparaat dat zuurstof kan vrijmaken uit peroxide-oplossing. Sommige garnalenhouders gebruiken het als extra zuurstofondersteuning, niet als vervanging van onderhoud.
Zeer dekkende rode Neocaridina davidi-selectie. De naam wijst op intensere kleurdekking dan gewone Fire Red.
Taiwan Bee-variant met zwart-wit patroon.
Organisme dat op of in een gastheer leeft ten koste van die gastheer. Een vrijlevende worm of predator is daarmee nog geen parasiet; identificatie en levenswijze doen ertoe.
Actief rondzwemmen van mannetjes na een vrouwtjesvervelling. Ze zoeken feromonen van een vruchtbaar vrouwtje.
Ziekteverwekker zoals een schadelijke bacterie, schimmel, alg of parasiet.
Looppoten onder het borststuk. Garnalen gebruiken ze om te lopen, voedsel te verzamelen en oppervlakken af te grazen.
Natuurlijke aangroei van algen, bacteriën en kleine organismen op onderwateroppervlakken. Garnalen grazen hier graag op.
Bestrijdingsmiddelen die via planten, handen, sprays of water in het aquarium kunnen komen.
Maat voor de zuurgraad van water. Beoordeel zowel het bereik dat bij de soort past als veranderingen; pH alleen beschrijft niet de gehele waterkwaliteit.
Een systeem dat pH-verandering door toegevoegd zuur of base afremt. KH meet een deel van de relevante waterchemie; actieve bodem en andere buffers werken niet identiek.
Plotselinge sterke daling van de pH. Uitgeputte buffering of veranderingen in water en materialen kunnen een rol spelen; meet eerst in plaats van uitsluitend op diergedrag af te gaan.
Elektronische meter voor zuurgraad. Moet regelmatig worden gekalibreerd om betrouwbare pH-waarden te geven.
Middel om pH te verlagen.
Middel om pH te verhogen.
Hobbyterm voor belasting door een snelle pH-verandering. Meet en vergelijk het water; stressverschijnselen op zichzelf bewijzen geen pH-oorzaak.
Caridina-variant met contrastrijke patronen, vaak strepen, spots of zebra-achtige tekening. Pinto-lijnen vragen gerichte selectie.
Caridina-patroon met sterke witte of donkere tekening, vaak zebra, spotted head of cloud-achtige vormen.
Vrijlevende platworm; sommige soorten hebben een herkenbaar driehoekige kop en eten kleine dieren. Overvoeren kan aanwezige wormen ondersteunen, maar brengt ze niet uit zichzelf in de bak.
Zwempoten onder het achterlijf. Vrouwtjes waaieren hiermee zuurstofrijk water langs de eitjes.
Stuifmeelkorrels als fijn aanvullend voer.
Kleur die door meerdere genen samen wordt bepaald.
Kwetsbare fase direct na de vervelling. Het nieuwe exoskelet is zacht en de garnaal verstopt zich vaak.
Parts per million. In de hobby wordt ppm vaak gebruikt voor TDS, nitraat, nitriet, ammoniak en andere testwaarden.
Het eten van garnalen of jonge garnalen door andere dieren.
Spons vóór de filterinlaat die vuil opvangt en jonge garnalen kan helpen tegenhouden. Pasvorm, maaswijdte en verstopping bepalen of hij in die opstelling werkt.
Fase vlak vóór de vervelling. De garnaal eet soms minder en vormt onder het oude pantser al een nieuw exoskelet.
Voer met een relatief hoog eiwitgehalte. Beoordeel de totale voeding en voerbelasting; dierlijk eiwit is niet op zichzelf bewijs van schadelijk voer.
Hobbyterm voor een als consistent aangeboden kweeklijn. Vraag naar afstamming en nakweek; het label garandeert geen genetische uniformiteit of vaste uitkomst van iedere kruising.
Aparte observatieperiode voor nieuwe garnalen, planten of decoratie. Quarantaine verkleint risico op parasieten, ziektes en ongewenste dieren.
Genvariant die meestal pas zichtbaar wordt wanneer twee kopieën aanwezig zijn. Recessieve eigenschappen kunnen generaties verborgen blijven.
Rode kweekvorm van Neocaridina davidi. Geschiktheid voor een beginner hangt ook af van passend water, een functionerend aquarium en zorgvuldig onderhoud.
Rode Pinto-Caridina met patroonselectie.
Neocaridina met rode kop en staart en een transparant middenstuk. Het Rili-patroon maakt selectie belangrijk.
Roodachtige Tiger-Caridina. De naam beschrijft kleur en streeppatroon binnen Tiger-kweeklijnen.
Rode Taiwan Bee-variant met witte patronen.
Mineralen toevoegen aan mineraalarm water. Kies het juiste product en controleer de resulterende GH, KH en geleidbaarheid; verschillende zouten veranderen niet alle waarden op dezelfde manier.
Aquarium dat langer stabiel draait met biofilm, microleven en een ingewerkt filter.
Patroon waarbij delen van het lichaam transparant blijven terwijl kop en staart gekleurd zijn.
Extra zuiver water uit osmose plus deïonisatiehars. Wordt gebruikt wanneer kraanwater te hard, vervuild of onstabiel is.
Snavelvormige uitsteeksel aan de voorkant van de kop. Vorm en tandjes helpen soms bij soortherkenning.
Lijn over de rug van een garnaal.
Hobbyterm voor roestkleurige plekken of aantasting van het pantser.
Dieper gekleurde rode Neocaridina-selectie dan gewone Cherry.
Rode Neocaridina davidi-grade met betere kleurdekking dan basis Cherry.
Zoutgehalte van water. Vooral belangrijk bij brakwaterkweek van Amano-garnalen en andere soorten met larven die zoutiger water nodig hebben.
Geslacht van drijfvarens met behaarde drijvende blaadjes. De wortelachtige delen onder water zijn aangepaste bladeren, geen echte wortels.
Voorste pootjes met kleine grijpers. Garnalen gebruiken ze om biofilm, algen en voer naar de mond te brengen.
Organismen uit het rijk Fungi. Niet iedere witte of groene aangroei is een schimmel; kleur alleen maakt bijvoorbeeld geen onderscheid met ciliaten of Cladogonium.
Mossen, hout, stenen en buisjes waar garnalen zich verbergen. Vooral belangrijk na vervelling en voor jonge dieren.
Platwormachtige parasiet die vaak op kop of kieuwdeksel zit. Eitjes kunnen aan oude vervellingen blijven hangen.
Het enten van een nieuwe bak met filtermateriaal, bodem, mulm of bacteriën uit een gezonde rijpe bak. Dit kan indraaien ondersteunen, maar vervangt testen niet.
Populaire aquascapingsteen die vaak KH en GH verhoogt. Minder geschikt voor zachtwater-Caridina zonder controle.
Gerichte keuze van ouderdieren met gewenste eigenschappen. Doel is betere kleur, patroon, vorm of stabiliteit in volgende generaties.
Door ouderselectie eigenschappen vaker laten terugkomen.
Fijne borstelharen op poten of waaierhanden. Ze helpen bij voedsel verzamelen, schoonmaken en waarnemen van de omgeving.
Taiwan Bee-achtige lijn met blauwige of donkere shadow-dekking.
Taiwan Bee-achtige Caridina met shadow-kleur en Mosura-patroon.
Pas uitgekomen jonge dwerggarnalen die lijken op mini-volwassenen. Ze grazen direct op biofilm en fijn voer.
Opgeloste siliciumverbindingen die kunnen bijdragen aan diatomeeën, vooral in jonge bakken. Niet elk diatomeeënprobleem komt alleen door silicaat.
Middel tegen slakken. Veel slakkenmiddelen zijn gevaarlijk voor garnalen en kunnen koper of andere ongeschikte werkzame stoffen bevatten.
Witte Bee/Crystal-Caridina-lijn. De verzorging vraagt zacht, stabiel water en lage KH zoals bij andere Bee-Caridina.
Lichtdoorzichtige Neocaridina met witte eitjes.
Voer dat doorgaans uit geperste sojahullen bestaat en in water uiteenvalt. Ook dit organische materiaal kan het aquarium belasten; het is geen garantie voor onbeperkt veilig vakantievoer.
Effen kleurdekking zonder transparante zones. Solid varianten vragen selectie op dekking, intensiteit en gelijkmatigheid.
Aquarium voor één soort of één kweeklijn.
Taxonomische afkorting voor een onbekende of niet nader bepaalde soort binnen een geslacht, bijvoorbeeld Caridina sp. Pinto.
Vertakt aquariumhout dat veel oppervlak en schuilplekken biedt.
Geblancheerd bladgroen met mineralen en plantaardige vezels. Gebruik kleine porties om waterbelasting te voorkomen.
Voederingrediënt verkocht onder de naam spirulina, doorgaans gekweekte cyanobacteriën. De voedingswaarde van een voer hangt af van de volledige samenstelling.
Filter waarbij water door een spons wordt geleid, aangedreven door lucht of een pomp. Een goed passende spons kan jonge garnalen tegen de inlaat beschermen; controleer openingen en verstopping.
Patroon met duidelijke stippen op de kop.
Taxonomische afkorting voor meerdere soorten binnen een geslacht. Je ziet dit bijvoorbeeld bij algemene verwijzingen naar Caridina spp.
Filteruitlaat met meerdere gaatjes die stroming spreidt. Handig om zachte oppervlaktebeweging te maken zonder harde straal.
Achterste waaier van uropoden en telson. Garnalen gebruiken deze bij snelle vluchtbewegingen en sturen tijdens zwemmen.
Evenwichtsorgaan waarmee garnalen richting en beweging waarnemen.
Kringloop van stikstof via verschillende stoffen en biologische processen. Ammoniak naar nitriet en nitraat omzetten is één onderdeel; meet of het aquarium de huidige belasting verwerkt.
Zeer fijn poedervoer dat door de bak zweeft.
Indonesisch eiland met uiteenlopende zoetwaterbiotopen en garnalensoorten. De warme, alkalische omstandigheden van bepaalde oude meren gelden niet automatisch voor alle soorten van het eiland.
Nederlandse naam voor Caridina dennerli. Deze rode Sulawesi-garnaal vraagt warm, alkalisch, zuurstofrijk en zeer stabiel water.
Sulawesi-soort die vaak met Caridina woltereckae wordt verbonden. Houding vraagt specialistische, warme en alkalische omstandigheden.
Niet eenduidige handelsnaam voor Sulawesi-garnalen met opvallend lichte voorpoten. Controleer herkomst en wetenschappelijke identificatie; stel deze naam niet gelijk aan Caridina spinata.
Mineralenmengsel verkocht voor bepaalde Sulawesi-aquaria. Producten verschillen in samenstelling en doel; kies op basis van de exacte soort en productinstructies.
Andere naam die in bronnen voor hetzelfde taxon of dezelfde lijn wordt gebruikt.
Hobbyterm voor een Tibee die opnieuw met Taiwan Bee is gekruist. Taitibees worden gebruikt om Pinto- en andere complexe patronen te maken.
Caridina-kweekgroep met intense patronen zoals King Kong, Panda, Wine Red en Blue Bolt. Meestal gevoeliger dan Neocaridina.
Totaal ammoniakstikstof: de stikstof in NH3 en NH4+ samen, uitgedrukt als stikstof. Lees de eenheid van de test; het NH3-aandeel hangt onder meer af van pH en temperatuur.
Handelsnaam voor een oranje gestreepte Caridina. De naam Tiger bewijst geen identiteit als C. mariae of vast verzorgingsrecept.
Natuurlijke looistoffen uit hout, bladeren en botanicals. Ze kunnen water amberkleurig maken en horen bij veel natuurlijke garnalensetups.
Wetenschappelijke indeling en naamgeving van organismen. Bij garnalen verandert taxonomie soms, waardoor hobby- en wetenschappelijke namen uiteenlopen.
Totale concentratie opgeloste vaste stoffen. Een gebruikelijke handmeter schat TDS uit geleidbaarheid met een omrekenfactor en identificeert geen afzonderlijke stoffen.
Handmeter die TDS doorgaans uit elektrische geleidbaarheid schat. Hij identificeert geen metalen, pesticiden of afzonderlijke mineralen en is dus geen algemene veiligheidstest.
Middelste staartplaat tussen de uropoden. Samen vormen ze de staartwaaier voor snelle ontsnappingen.
Hobbyterm voor belasting door een plotselinge temperatuurverandering. Gedrag of sterfte alleen bewijst deze oorzaak niet; meet aquarium- en ververswater.
Een temperatuurverloop zonder ongewenst snelle veranderingen, binnen een bereik dat bij de soort past. Een stabiele maar ongeschikte temperatuur blijft ongeschikt.
Nakomeling die terugvalt naar oudere of wildtype eigenschappen.
Klein ventiel in luchtslang dat terugstromend water stopt.
Watertest met kleurvakjes op een strip. Bruikbaarheid hangt af van meetbereik, afleesbaarheid en uitvoering; een strip meet niet automatisch alle relevante stoffen.
Meet de actuele watertemperatuur. Een losse thermometer controleert of verwarming en thermostaat betrouwbaar werken.
Regelaar die een verwarming op basis van een temperatuurmeting schakelt. Controleer met een afzonderlijke thermometer; een thermostaat kan defect raken.
Hobbyterm voor een kruising met Tiger-achtergrond en meestal Crystal of Taiwan Bee.
Verzamelnaam voor Caridina-lijnen met tijgerstrepen, zoals Tangerine Tiger, Blue Tiger en Red Tiger. Waterwensen hangen af van de lijn.
Crystal Red/Black patroon waarbij een band een tandachtige inkeping heeft.
Nederlandse naam voor Tiger-garnalen in de Caridina-hobby. Niet verwarren met grote consumptiegarnalen uit zee- of brakwaterteelt.
Verdampt water aanvullen zonder een echte waterwissel te doen. Top-off doe je normaal met mineraalarm water, omdat mineralen niet verdampen.
Mate waarin het lichaam doorzichtig is.
Water waarin garnalen zijn vervoerd.
Natuurlijk materiaal dat water kan verzuren en kleuren. Gebruik het voorzichtig, omdat pH en geleidbaarheid kunnen veranderen.
Geslacht van zoetwaterslakken uit Sulawesi. Controleer de eisen van de exacte soort en de voedsel- en afvalbelasting voordat je ze met garnalen combineert.
Actief substraat waarvan het effect op de waterchemie is afgenomen. Beoordeel meettrends en bronwater voordat je bodemvervanging als oplossing kiest.
Het uitkomen van jonge garnalen of larven uit de eitjes. Bij directe ontwikkeling lijken de jongen meteen op kleine garnalen.
Waaierachtige staartdelen naast het telson. Ze helpen bij snelle achterwaartse vluchtbewegingen.
Crystal Red/Black patroon waarbij een gekleurde band een V-vorm maakt.
Grote waaierhandgarnaal, Atya gabonensis. Ondanks de naam is het een vreedzame filtervoeder die stroming nodig heeft.
Afkorting van variëteit. In de garnalenhobby wordt var. vaak gebruikt voor kleurvormen, ook wanneer het taxonomisch niet strikt formeel is.
Dag waarop geen extra voer wordt gegeven. Dit is geen algemene gezondheidsregel; de geschiktheid hangt af van dieren, levensfase en werkelijk beschikbaar voedsel.
Verdwijnen van water als damp. Mineralen blijven achter, waardoor GH en TDS kunnen stijgen als je verkeerd aanvult.
Koeling doordat water verdampt, bijvoorbeeld met een ventilator. Dit kan effectief zijn, maar verlaagt het waterniveau en concentreert mineralen.
Proces waarbij een garnaal het oude exoskelet afwerpt. Vervelling is nodig voor groei, herstel en voortplanting.
Moeilijk of onvolledig afwerpen van het exoskelet. De waarneming vertelt niet welke oorzaak speelt; beoordeel watermetingen, recente veranderingen, voeding en andere signalen.
Nieuw water voor een waterwissel. Voor garnalen moet dit vooraf worden voorbereid, gemeten en rustig toegevoegd.
Apparaat dat water verwarmt tot ingestelde temperatuur.
Bacteriële infectie veroorzaakt door een Vibrio-soort. Een onrustige of verkleurde garnaal is geen bevestigde Vibrio-diagnose; identificatie vraagt passend onderzoek.
Belasting van het aquarium door voer en voerresten.
Klein schaaltje om voer geconcentreerd aan te bieden. Maakt resten verwijderen makkelijker en houdt bodem schoner.
Klokdiertje dat als witte pluizige aangroei op garnalen kan verschijnen.
Waaiervormige voorpoten van filtervoedende garnalen. Ze vangen fijne voedseldeeltjes uit stromend water.
Verzamelnaam voor filtervoedende garnalen zoals Bamboe- en Vampiergarnalen. Ze gebruiken waaierhanden om voedsel uit stroming te vangen.
Middel dat leidingwater behandelt, bijvoorbeeld tegen chloor of chlooramine. Het lost verkeerde GH, KH, nitraat of metaalproblemen niet automatisch op.
Een deel van het aquariumwater vervangen door passend voorbereid water. Omvang en tempo hangen af van metingen, vervuiling en verschillen met het ververswater.
Latijnse soortnaam zoals Neocaridina davidi of Caridina dennerli. Deze is betrouwbaarder dan handelsnamen, maar kan door taxonomische updates veranderen.
Verkorte handelsnaam voor Sulawesi-garnalen met opvallend lichte voorpoten. De handelsnaam alleen is onvoldoende voor zekere soortidentificatie of verzorgingsadvies.
Hobbyterm voor een opvallende lichte ring ter hoogte van de overgang tussen kopborststuk en achterlijf. Een ring alleen bewijst geen fatale vervelling of calciumtekort.
Natuurlijke, meestal bruine of transparante kleurvorm. Wild type verschijnt vaak wanneer kleurvarianten ongecontroleerd kruisen.
Natuurlijke of teruggeslagen kleurvorm, vaak bruin, transparant of gevlekt.
Rode Taiwan Bee-variant met diepe wijnrode kleur en witte accenten. Verzorging lijkt op andere gevoelige Taiwan Bee-lijnen.
Gele Neocaridina davidi-selectie. Intens gele vrouwtjes tonen soms een duidelijke rugstreep.
Gele Neocaridina met duidelijke rugstreep.
Heldere gele Neocaridina davidi-kleurlijn. Meng deze niet met andere Neocaridina-kleuren als je gele nakomelingen wilt behouden.
Patroon met duidelijke strepen. De term komt voor bij Tiger, Pinto, Galaxy en sommige babaulti-achtige handelsnamen.
Korte behandeling in zout water die soms bij externe parasieten wordt gebruikt. Het kan garnalen stress geven en hoort alleen met duidelijke reden.
Hoeveel opgeloste zuurstof beschikbaar is voor garnalen en bacteriën. Warm water, overbezetting en bacteriebloei kunnen zuurstoftekort veroorzaken.
Te weinig opgeloste zuurstof door warmte, bacteriebloei of slechte stroming.
Metalen zoals koper, zink, lood of nikkel die voor garnalen schadelijk kunnen zijn. Bronnen zijn soms leidingen, medicatie, meststoffen of vervuiling.
Bedoeld wordt swimmerets: zwempootjes of pleopoden onder het achterlijf. Vrouwtjes gebruiken deze ook bij het dragen en bewaaieren van eitjes.